CaixaForum Palma : b(l)oeiende tentoonstelling van Anglada-Camarasa

Foto: ©Fundación “la Caixa”
De kleindochter van de kunstenaar en tentoonstellingsadviseur, Sílvia Pizarro, en de curator van de tentoonstelling, Arola Valls, op bezoek bij de tentoonstelling "El jardín de Anglada-Camarasa". Foto: ©Fundación “la Caixa”

Begin november 2022 opende in CaixaForum Palma aan de Plaza de Weyler de tentoonstelling “El jardín de Anglada-Camarasa”. Deze expositie biedt een wandeling aan door de tuin van de Catalaans-Spaanse kunstschilder Anglada-Camarasa en is nog tot 25 augustus 2024 in Palma te bewonderen.

De tentoonstelling van curator Arola Valls gaat in op de passie van de kunstenaar voor tuinieren en bloemelementen, en hoe hij deze gedurende zijn hele carrière in zijn werk heeft vastgelegd.

Te zien zijn olieverfschilderijen, foto’s, prenten en voorwerpen uit de collectie Hermen Anglada-Camarasa. Aan de hand van de geselecteerde werken wordt de groeiende belangstelling van de kunstenaar voor bloemen duidelijk.

YouTube

Door de video te laden, gaat u akkoord met het privacybeleid van YouTube.
Meer informatie

Video laden

Het uitgangspunt van de tentoonstelling is de tuin van El Pinaret in Port de Pollença. Deze heeft de kunstenaar destijds zelf aangelegd en gecultiveerd. Hiervoor werden zelfs exotische bloemen uit andere landen aangevoerd.

De omgang van Anglada-Camarasa met bloemen zal de bezoeker niet alleen helpen te begrijpen hoe hij de bloemen in zijn werk heeft getekend, maar ook hoe de bloemen op hun beurt het leven van de schilder hebben getekend.

Van links naar rechts: Carla Tarruella, hoof kuntstentoontstellingen bij la Fundación ”la Caixa”, Carla Tarruella, de kleindochter van de kunstenaar en adviseur van de tentoonstelling; Margarita Pérez Villegas, directeur van CaixaForum Palma en Arola Valls, curator van de tentoonstelling El jardín de Anglada-Camarasa. Foto: ©Fundación “la Caixa”

Anglada Camarasas

Hermen Anglada-Camarasa. Gira-sols. Llum de dia (daglich). 1920-1925. Olievef op paneel. © Colección Anglada-Camarasa Fundación ”la Caixa”.

De Catalaans-Spaanse schilder Anglada Camarasas werd op 11 september 1871 in Barcelona geboren. Hij was de zoon van Josep Anglada Llecuna, een rijtuigversierder en amateur aquarellist. Op 7-jarige leeftijd verloor hij zijn vader, in wiens atelier hij zijn liefde voor de schilderkunst had ontdekt.

Ondank het felle verzet van zijn moeder slaagde hij erin toestemming te krijgen om vanaf 1886 schilderkunst te studeren aan de Escola de Belles Arts de Barcelona (School voor Schone Kunsten in Barcelona’) – Llotja genaamd.

Hij kreeg les van Tomás Moragas en later van Modest Urgell, die zijn stijl van naturalistisch landschapsschilderen beïnvloedde en door hem altijd werd beschouwd als degene van wie hij het meest had geleerd.

Hij werkte enkele jaren binnen een groep schilders in het dorp Arbúcies aan de voet van de Montsena. Hiertoe behoorden onder andere Eliseo Meifrén. Na een eerste mislukte tentoonstelling van zijn schilderijen in de kunstgalerie Sala Parés in Barcelona, reisde hij in november 1894 voor het eerst naar Parijs om de oude meesters te bestuderen.

In de Franse hoofdstad leefde hij aanvankelijk in zeer bescheiden omstandigheden en moest hij in 1895 wegens geldgebrek terugkeren naar Catalonië.Met de Peruaanse schilder Carlos Baca-Flor, met wie hij een levenslange vriendschap sloot, zwierf hij ‘s nachts door de casino’s, theatertjes en cafés Met zijn hulp kreeg hij voortdurende financiële steun van zijn zwager Josep Rocamora Pujola. Hierdoor kon hij vanaf 1897 permanent in Parijs wonen. Daar verwierf hij rond 1900 de Franse nationaliteit.

Hij studeerde aan de Académie Julian bij Benjamin Constant en Jean Paul Laurens en volgde aanvullende avondcursussen aan de Académie Colarossi bij Rene Prinet en Louis-Auguste Girardot. Door het in de wacht slepen van prijzen kon hij vanaf 1898 zijn eerste succesvolle tentoonstellingen van enkele schilderijen in de salon van de Société nationale des beaux-arts presenteren. Op een van deze academies ontmoette Anglada zijn eerste toekomstige vrouw, de schilderes Isabel Beaubois die na de scheiding et de Catalaanse pianist Enric Montoriol Tarrés trouwde en bekend werd als Isabel Beaubois Montoriol.

Hermen Anglada-Camarasa. Flors, anèmones. c. 1920-1925. Olievef op paneel.© Colección Anglada-Camarasa Fundación ”la Caixa”.

In mei 1900 stelde Anglada in de Sala Parés in Barcelona succesvol 20 van zijn Parijse schilderijen in een solo-expositie tentoon. De werken waren in een nieuwe stijl geschilderd. Dit leidde tot zeer uiteenlopende reacties van critici en publiek.

Na afloop van de tentoonstelling, in oktober 1900, schreef hij samen met Sebastià Junyent een manifest dat werd gepubliceerd in het tijdschrift “Joventut”, waarin zij de onderwerping van kunstenaars aan de smaak van het grote publiek om commerciële redenen aan de kaak stelden en het primaat van artistieke vormgeving boven naturalistische weergave propageerden.

Naast diverse succesvolle tentoonstellingen in Parijs nam hij deel aan kunsttentoonstellingen in Berlijn (Kunstsalon Eduard Schulte 1901, 1902, 1904; XI. Secession 1906), Brussel (Libre Esthétique 1902, 1911; Exposition Générale des Beaux Arts 1907), Gent (XXXVIII Exposition 1902), Londen (International Society of Fine Arts 1903; International Art Society 1908), Düsseldorf en Keulen (1903), Dresden (grote kunsttentoonstelling 1904), Wenen (Secession 1904), München (Secession 1903; Kunstverein 1905; Galerie Heinemann 1911), Venetië (Biënnale 1903, 1905, 1907, 1914), Barcelona (Exposició d’obres d’art i llibres catalans 1906; Sala Parés 1909), Zürich (Kunsthaus 1910), Buenos Aires (Exposición Internacional de Arte del Centenario del Mayo 1910), Rome (Exposizione Internazionale de le Belle Arti 1911; III Exposizione Internazionale della Secessione 1914), Praag (1913) en Moskou (Salon Artistique 1914).

Net als in 1900 in Barcelona stelde Anglada gewoonlijk zijn tekeningen samen met zijn schilderijen tentoon om te laten zien dat hij wist hoe hij op een academische manier moest schilderen. Hij reageerde hiermee op de kritiek dat zijn schilderijen geen tekening hadden.

Meer dan twee decennia lang weigerde hij deel te nemen aan officiële Spaanse tentoonstellingen, net als zijn Baskische vriend Ignacio Zuloaga. Zo exposeerden beiden op de grote internationale kunsttentoonstelling in Rome in 1911, op uitnodiging van de organisatoren, hun werken buiten het Spaanse paviljoen in zalen die voor hen gereserveerd waren in het Italiaanse paviljoen. Maar ook op de Parijse salons waren Anglada’s schilderijen vanaf 1908 niet meer vertegenwoordigd. Hij verwierp de stromingen van de avant-garde die daar waren ontstaan In Rome uitte hij in 1911 scherpe kritiek op de overheersing van de Fransen in de kunstwereld.

Van 1901 tot 1904 gaf Anglada les aan de Académie Colarossi, en van 1905 tot 1913 ook aan de Académie Vitti. Daar verzamelde hij een kring van Latijns-Amerikaanse schilders als leerlingen om zich heen, onder wie de Argentijnen Tito Cittatini en Gregorio López Naguil en de Mexicaan Roberto Montenegro.

Na een eerste bezoek aan Mallorca in 1909 op aanbeveling van Antoni Gaudí en een langer verblijf van augustus tot november 1913 samen met zijn tweede vrouw Simone Martini, vestigde Anglada Camarasa zich uiteindelijk in juli 1914 in Pollença, nadat hij op 21 juli met behulp van zijn advocaat, de politicus Francesc Cambó, de Spaanse nationaliteit had herkregen.

Hermen Anglada-Camarasa. Cases de Pollença. c. 1914-1918. Olievef op paneel. © Colección Anglada-Camarasa Fundación “la Caixa”.

In Pollença leefde en werkte hij tot 1936 omringd door Latijns-Amerikaanse studenten uit zijn Parijse periode en andere kunstenaars en intellectuelen.

Afgesneden van de Europese kunstwereld door de oorlog en de afgelegen ligging van Mallorca, concentreerde Anglada zich op Spanje, stelde zijn werken tentoon in Barcelona (Palau des Belles Arts) in 1915 en nam deel aan een manifest van Spaanse intellectuelen ter ondersteuning van de geallieerden.

De opbrengst van de tentoonstelling was bestemd voor de weduwen en wezen van in de oorlog omgekomen kunstenaars. Op uitnodiging van meer dan 30 kunstenaars en intellectuelen, waaronder Valle-Inclan, Ortega y Gasset en Unamuno werd in 1916 in Madrid (Palacio de Cristal del Retiro) een tentoonstelling gehouden, waardoor de bevolking voor het eerst in aanraking kwam met een moderne kunststroming die verder ging dan het post-impressionisme. Dit veroorzaakte sterke controverse in de pers, waar sommigen Anglada beschuldigden van onpatriottisme, anarchisme, het in gevaar brengen van de jeugd, homoseksualiteit en geestesziekte. Anderzijds wekte hij enthousiasme op de Internationale Kunsttentoonstelling van Bilbao in 1919.

In de naoorlogse jaren begon Anglada aan een comeback in de USA. Op uitnodiging van de directeur van het Carnegie Institute Art Museum in Pittsburgh (waar het jaar daarvoor werken van Pierre Bonnard en het jaar daarna van Claude Monet waren getoond), Homer St. Gaudens, stuurde Anglada in 1924 eerst vijf en vervolgens negen van zijn belangrijkste schilderijen naar de USA, waar zijn concurrent Sorolla al lang bekend en vertegenwoordigd was.

Hermen Anglada-Camarasa. Columna florida. 1940-1945 Olievef op paneel. © Colección Anglada-Camarasa Fundación “la Caixa”.

Tentoonstellingen vonden onder meer plaats in Washington (Van Dyck Galleries), New York (Brooklyn Museum), Chicago, Los Angeles, San Francisco, Philadelphia, Boston en Cleveland. De publicatie van de eerste monografie over Anglada door Samuel Hutchinson Harris in Engeland in 1929 werd gevolgd door door hem georganiseerde tentoonstellingen in Londen en Liverpool in 1930.

In 1931 bouwde Anglada zijn eigen huis in Port de Pollença en trouwde hij voor de derde keer, ditmaal met zijn achternicht Maria Teresa Huelín Rocamora, 30 jaar jonger. In augustus 1933 werd hun dochter Beatriu geboren.
In 1936, toen Anglada in Barcelona was om een tentoonstelling voor te bereiden, brak de Spaanse Burgeroorlog uit en viel Mallorca in handen van de Bando national (de Francisten). Als overtuigd republikein en vrijmetselaar kon Anglada niet terugkeren naar Mallorca en nam hij, op uitnodiging van de Generalidad van Catalonië aanvankelijk met zijn vrouw en dochter zijn toevlucht tot het klooster van Montserrat.

Vandaar ging de familie begin 1939, na de val van Barcelona, in ballingschap naar Frankrijk, waar zij tijdelijk onderdak vonden bij Carlos Baca-Flor in Neuilly-sur-Seine, en zich uiteindelijk vestigden in Pougues-les-Eaux. In deze periode leed de familie grote ontberingen, zodat Anglada geen geld had om verf te kopen om zijn schilderijen te voltooien en moest vertrouwen op steun van vrienden.

In 1948 kreeg hij zijn grondstuk “El Pinaret” in Port de Pollença terug en de schilderijen die door de bank in bewaring waren genomen. Dit maakte een terugkeer naar Mallorca mogelijk.

Door zijn verslechterende gezondheid kon Anglada maar weinig schilderen, maar de werken die in zijn bezit bleven kon hij herhaaldelijk tentoonstellen in Barcelona en Madrid. Anglada overleed in 1959 in Pollença.

Overeenkomstig zijn wens om zijn werken niet over de hele wereld te verspreiden, werd zijn huis in 1967 door zijn weduwe, dochter en schoonzoon Alfonso Pizarro als privé-museum in gebruik genomen. In 1989 werd zijn nalatenschap aangekocht door de culturele stichting van het Catalaanse kredietinstituut La Caixa.

Foto: ©Fundación “la Caixa”

El jardín de Anglada-Camarasa.
Tentoonstelling door la Fundación ”la Caixa”.
Datum: 3 novenber 2022 – 25 augustus 2024
Locatie: CaixaForum Palma (plaza de Weyler, 3)
WEBSITE